Donor: Ja of Nee?

In de Donorweek, die twee weken geleden plaatsvond, hebben ruim 31.000 mensen aangegeven donor te willen zijn of juist niet. 94 procent heeft ‘ja’ geantwoord.  Een groot succes: duizenden nieuwe donoren. Maar is het donorsysteem in Nederland nu beter dan die in bijvoorbeeld België? Volgens de Nederlandse Transplantatie Stichting (NTS) lijkt het huidige systeem wel bij Nederland te passen.

Eerst een paar cijfers op een rijtje. In Nederland mag je vanaf je 15e aangeven donor te willen zijn of niet.  41,6 procent van de bevolking boven de 15 jaar heeft zich geregistreerd, waarvan ruim de helft zich als donor heeft opgegeven. Dat zijn ongeveer 3,5 miljoen mensen van de bijna 14 miljoen inwoners boven de 15 jaar.  In Amsterdam hebben ongeveer 138.000 van de bijna 600.000 inwoners zich als donor geregistreerd. Dat is een kwart van de Amsterdammers. Het lijken grote aantallen, maar volgens de NTS is dit nog lang niet genoeg.

Beslissystemen
In Nederland wordt het ‘toestemmings-’ of ook wel het ‘instemmingssysteem’ gehanteerd. In dit systeem is iemand alleen donor wanneer hij dat uitdrukkelijk heeft aangegeven. Wanneer iemand dat niet heeft gedaan, moeten de nabestaanden van de overledene beslissen. Naast dit systeem bestaat er ook het zogeheten ‘(geen) bezwaarsysteem’, zoals in België en Spanje. Hier wordt er vanuit gegaan dat iedereen na overlijden donor is (wanneer deze medisch geschikt is, uiteraard). Als iemand geen donor wil zijn, kan hij dit aangeven.

Het aantal landen met een ‘geen bezwaarsysteem’ blijkt in verhouding tot Nederland relatief meer donoren te hebben en de wachttijd in deze landen is korter dan in landen met een ‘toestemmingssysteem’. Het lijkt daarom een logische beslissing om ons donorsysteem te veranderen. Maar het aantal donoren kan niet alleen aan het systeem worden toegeschreven, zo meldt een woordvoerster van de NTS. “Het aantal verkeersongevallen, de organisatie van het ziekenhuis: het speelt allemaal mee met het aantal donoren in een land.”

Nabestaanden
De nabestaanden van een overledene moeten ook in acht worden genomen. Bij een ‘geen bezwaarsysteem’ kunnen nabestaanden er bijvoorbeeld van overtuigd zijn dat hun zoon of dochter te laks was om aan te geven geen donor te willen zijn. Zij worden nauw betrokken bij het besluit en hun instemming is bepalend. Ook bij het ‘toestemmingssysteem’ kunnen nabestaanden hier over beslissen, maar zij nemen zo’n besluit in moeilijke en verdrietige omstandigheden waardoor zij vaak de toestemming tot donatie weigeren.

Sinds 1998 is de wet van orgaandonatie van kracht in Nederland. “Het is ook moeilijk om deze wet opeens te veranderen,” zegt de woordvoerster. De Nederlandse cultuur bepaalt ook de voorkeur van dit systeem. “Nederlanders vinden donorregistratie wel belangrijk, maar willen de baas zijn over hun eigen lichaam en hier beslissingen over kunnen nemen. Dus niet een overheid die dat voor hen doet.”

Tess Roelofsen

Leave a Reply